Sierlijke spanning van boven

Er zijn van die dingen die nooit opvallen maar waar je, als je er eenmaal op gaat letten, helemaal gek van wordt.

Een muurrozet in Haarlem.

Een muurrozet in Haarlem.

Bovenleidingmasten en rozetten, bijvoorbeeld. Negeer ze! Wie dat niet doet, kan nooit meer normaal naar een foto van een oude tram kijken. En komt geheid met een verrekte nek terug uit een plaats als Haarlem.

Het onderwerp is op het eerste gezicht natuurlijk te suf voor woorden. Want waar hebben we het over? Dingen om de bovenleiding hoog te houden, zodat de tram er veilig onder kan rijden. Meer is het niet. En als de NZH en haar voorgangers het bij één type paal hadden gehouden, was het inderdaad lastig om er iets bijzonders over te melden. Ze plantten echter zo’n wilde en wisselende variëteit langs de trambaan dat iemand die er op let, zich al snel een soort ornitholoog begint te voelen. Maar dan van bovenleidingmasten. Met rozetten is trouwens weer wat anders aan de hand, maar dat komt straks wel.

Het aantal materialen waaruit de bovenleidingmasten bestonden, is nog vrij overzichtelijk: staal of beton. In een enkel geval zijn er ook houten palen gebruikt, maar dat was meestal als tijdelijke voorziening, of als de tram door omstandigheden ook gebruik moest maken van de steun van een telefoonpaal. Het aantal vormen van de palen is echter bijna eindeloos. Van rechttoe rechtaan vierkant over de weg tot kunstig gelaste torentjes, en van simpel rond met een stokkie opzij tot ware Art Deco-zuilen.

De meest voorkomende vorm was een soort vakwerk paal: vier betrekkelijk dunne stalen stroken die boven in een punt bijeenkwamen en onderweg stevigheid kregen door schuin op de stroken gelaste strips. De masten vertoonden onderling weer enorme verschillen door de vorm van de armen waaraan de hangdraden hingen. Dan gebruikten de trammaatschappijen een simpel boogje met een stutbalkje, dan weer een rechte arm met steunen en tuien, dan weer een dubbele boog met een tui, een hele lange dubbele boog of juist weer iets dat het midden hield tussen een rechte arm en een halve boog. En soms waren er helemaal geen zijtakken en hing de hele boel gewoon tussen een paar kale palen.

Wie eenmaal op die masten begint te letten, ontdekt een nieuwe dimensie in oude tramfoto’s. De rijtuigen zijn fraai, de omgeving vaak nog heel herkenbaar, maar wat voor bovenleidingmasten staan er langs de weg? En hé, waarom staan er op die een eindje verder en vijf jaar later gemaakte foto andere masten? Waren ze toen vervangen? Of had de trammaatschappij er van het begin af aan al andere neergezet?

Veldonderzoek is niet meer mogelijk, want het merendeel van de bovenleidingmasten is verdwenen. Op in elk geval één na. De Stichting Historisch Genootschap De Blauwe Tram kreeg het gedaan dat één betonnen mast gespaard bleef. Die ligt nu als gedenkteken op het Van Wassenaer Hoffmanplein in Voorburg.

Een andere methode om de bovenleiding boven de weg te houden, waren rozetten – kloeke metalen gevallen waarmee spandraden aan gevels konden worden bevestigd. Hoewel het zware, plompe dingen waren, waren ze meestal uitgevoerd met een sierlijk en daardoor enigszins aandoenlijk randje. De ENET moest bewoners toestemming vragen toen ze ze in 1898, bij de aanleg van de Ceintuurbaan, aan de gevels wilde aanbrengen. Die mochten weigeren, maar dan kregen ze een paal voor de deur. Haarlems Dagblad vermoedde destijds al dat de meesten toch wel voor een rozet zouden kiezen.

De metalen klompen verschenen inderdaad in groten getale op de Haarlemse gevels. Na de opheffing van de tram is er een flink aantal overgebleven. Niet allemaal, maar wel veel. Die restanten hebben, voor wie er gevoelig voor is, een ietwat dol makend effect. Zo loop je jaren door Haarlem zonder ooit één rozet te zien. Maar begin je er op te letten, dan breek je bijna je nek er over. Figuurlijk gesproken, uiteraard.

Net denk je ze allemaal in kaart te hebben gebracht langs de oude tramroute, of er duikt er weer één op. Soms blijken ze om het hoekje in een andere straat te hangen (zoals aan de Parklaan), soms zijn ze door de schilder onder gekalkt (zoals aan de Gierstraat) en soms (zoals bij mij het geval was in de Jansstraat) blijk je gewoon niet goed genoeg uit je doppen te hebben gekeken. Maar goed, let er dus maar niet op, dan kun je ze ook niet missen.

Advertenties

2 thoughts on “Sierlijke spanning van boven

  1. in de dorpen tussen Leiden en Haarlem v.v. werden geen rozetten als bevestiging voor de bovenleiding gebruikt.
    Neem aan dat ook in Leiden nog rozetten te vinden zijn in b.v. Haarlemmerstraat of Hogewoerd?
    Misschien dat Wim Wegman (als Leidenaar) hier nog op terug kan komen …

    Like

  2. In Leiden zijn nog tientallen muurrozetten te vinden. Niet alleen in de Haarlemmerstraat en de Hogewoerd, maar ook in de Breestraat, het Korte Rapenburg en de Steenstraat zijn nog veel muurrozetten. Helaas verdwijnt er af en toe een, als een eigenaar van een monumentaal pand zijn eigendom laat restaureren in oude staat. Dan moet die roestige ijzeren kluit eraf. Jammer voor de tramliefhebber. Want die muurozetten zijn nog het enige bewijs dat er ooit een elektrische tram heeft gereden.

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s