Met mooie herinneringen langs een Sovjetplein

Eerst eens iets over het station Zandvoort, vanwaar de allereerste elektrische tram in 1882 vertrok.

De huidige Passage in Zandvoort.

De huidige Passage in Zandvoort.

Dat was natuurlijk niet het huidige aan het Stationsplein gelegen station Zandvoort, want dat is pas sinds 1908 in gebruik. Het zou ook tamelijk overdreven zijn – nog overdrevener dan het destijds al was – om daarvandaan een tramlijn naar de Zeestraat en Park Kostverloren te laten rijden. Het huidige stationsgebouw staat zo’n beetje om de hoek.

Het allereerste station Zandvoort bevond zich aanzienlijk verder van het oude dorp, ongeveer op de plek waar de Van Lennepweg overgaat in de Burgemeester van Alphenstraat. Dat was natuurlijk niet handig voor de Zandvoorters, maar het spoor was ook niet direct voor hen bedoeld. De treinverbinding was onderdeel van een ambitieus plan om Zandvoort tot ontwikkeling te brengen als badplaats. Tegelijk met de aanleg van het spoor verrees er ten noorden van het dorp in 1881 onder meer Hotel Kurzaal – later omgedoopt tot Kurhaus. Een lange, overdekte Passage verbond het hotel met het nieuwe station.

Aanvankelijk was dat stationsgebouw een eenvoudig houten optrekje. In 1884 – nadat de elektrische tram alweer was verdwenen – is dat vervangen door een fraai vormgegeven en mooi afgewerkt bouwwerk: een soort dubbele houten loods met een in het oog springend uitbouwtje op het dak. De ene loods deed dienst als stationsgebouw, de andere als overkapping over het spoor. Volgens de overlevering waren het twee paviljoens die in 1880 door Nederland waren ingezonden voor de Wereldtentoonstelling in Brussel, zo haalt de historische site Zandvoortvroeger.nl aan. Waarna ze dat leuke detail meteen genadeloos onderuit haalt door te melden dat er in 1880 helemaal geen Wereldtentoonstelling in Brussel was. Volgens haar is het vermoedelijk een overblijfsel van een landbouwtentoonstelling in Arnhem, dat daarna nog enkele jaren in Leiden heeft gestaan als gastenverblijf tijdens studentenfeesten.

De Passage tussen Kurhaus en station was misschien nog wel het meest in het oog springende gebouw op die plek. Het toont op oude foto’s een verrassende gelijkenis met de nog altijd bestaande Passage in Den Haag: een hoge, enigszins klassiek ogende hal met glazen dak, op de begane grond gevuld met luxe winkels, cafés en eettentjes. Aan de westzijde liepen de bezoekers zo het Zandvoortse Kurhaus in (wat een fraai gebouw was, maar qua omvang en allure niet te vergelijken met zijn Scheveningse naamgenoot) en aan de oostzijde daalden ze met een lange, brede trap naar het station af.

Onderaan die trap was het beginpunt van de elektrische tram. De exacte locatie is in het moderne Zandvoort lastig aan te wijzen. Het houten station is verdwenen nadat in 1908 het nieuwe station Zandvoort in gebruik is genomen, en de schitterende Passage is in 1925 afgebrand en niet meer herbouwd. Het Kurhaus is er trouwens ook niet meer. Dat is in 1946 afgebroken nadat het in de oorlog zwaar beschadigd was geraakt.

Op de plek van station, Passage en Kurhaus staan nu een groot hotel, appartementencomplexen en een tankstation. Dergelijke gebouwen kúnnen heel mooi zijn, maar die mogelijkheid hebben ze in Zandvoort met kracht van de hand gewezen – zoals op wel meer plekken daar. Zelfs op een mooie, zonnige dag kijkt een wandelaar er met een overheersend grauw gevoel om zich heen. Hoe kun je de feestelijke stemming in een badplaats grondig bederven? Zo dus.

Het eerste deel van het tracé van de oude elektrische tram maakt de sfeer er niet veel beter op. De tram volgde in grote lijnen de loop van wat nu de Doctor Johannus G. Mezgerstraat is. Niet helemaal, want deze straat maakt een paar kleine kronkels, terwijl de tram destijds rechtstreeks richting Zeestraat reed. De Mezgerstraat wekt niet de indruk dat het een onderdeel is van een populaire badplaats. De appartementengebouwen aan de noordkant van de straat zijn in elke saaie jaren 80-nieuwbouwwijk in Nederland terug te vinden. En de rijtjeshuizen aan de zuidzijde ook. Pas in de laatste honderd meter van de straat beginnen er dingen op te duiken die op toerisme wijzen, zoals borden met ‘Zimmer Frei’. Sporen van de tram zijn allang verdwenen, maar het openbaar vervoer is er nog altijd. Door de betrekkelijk smalle straat rijden Connexxion-bussen met grote regelmaat voorbij.

Bij de kruising met de Jacob van Heemskerckstraat valt het toeristische karakter van Zandvoort niet meer te ontkennen. Helaas, zou je bijna zeggen. De niet al te fraaie hotels en de ietwat armoedig ogende eettentjes vliegen je er plotseling om de oren. Triestig dieptepunt is de Passage die de tramroute induikt als ze de Jacob van Heemskerckstraat is gepasseerd. Het plein is in alles het omgekeerde van de oude Passage. Waar die overdekt, levendig en sierlijk was, is deze Passage een kale, betonnen vlakte omringd door doodse hoogbouw en verlaten winkeltjes. De enige versieringen hier zijn een grote plaat met rondhupsende kangoeroes (naast eetcafé Boomerang, vandaar) en een vervaagde reclamefoto in een etalage. Het plein ziet er uit als iets waarvan ze zelfs in de Sovjetunie moeten hebben gemopperd dat dit toch écht niet meer kan.

Halverwege de Passage buigt de tramroute naar het zuiden en rijdt de Zeestraat op. Hier heeft de omgeving een wat menselijker maat. De pensionnetjes, kroegen en restaurants zien er zonder al die hoogbouw in de directe omgeving, en mét bomen in de straat, opeens een stuk gezelliger uit. En bij de Kostverlorenstraat krijgt de tramroute zowaar allure. De bomen zijn er hoger, de huizen groter en fraaier en de stoepen breder. Op het einde van het tramtracé staan zelfs panden die in Bloemendaal of Aerdenhout helemaal niet uit de toon zouden vallen.

Dat is ook het geval in het park waarnaar de tram ooit voerde. Hoewel, park… Het is er nog altijd bijzonder groen, maar voor wandelaars is niet veel plek meer. Fraaie villa’s hebben er de boel overgenomen. Daar was in Zandvoort kennelijk toch iets meer behoefte aan.

Langs de route zijn geen resten van of rechtstreekse verwijzingen naar de allereerste tram te vinden. Wel indirecte. Op het terrein waar de elektrische tram in het Kostverlorenpark eindigde, is later de Amsterdamse Vacantie Kolonie gevestigd – waarvan nog een later neergezet pand is overgebleven. En één van de zijstraten van de Zeestraat is vernoemd naar E.J.J. Kuinders, al wordt hij daar ‘slechts’ geëerd voor het oprichten en leiden van de Haarlem-Zandvoort Spoorweg-Maatschappij. Voor zijn inzet voor de Electrische Tramweg-Maatschappij Zandvoort was op het straatnaambord kennelijk geen ruimte meer.

 

Advertenties

2 thoughts on “Met mooie herinneringen langs een Sovjetplein

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s