Een tochtje langs de gloriejaren van de tram

Kleverpark, circa 1920. Foto: Collectie Stichting Historisch Genootschap De Blauwe Tram

Kleverpark, circa 1920. Foto: Collectie Stichting Historisch Genootschap De Blauwe Tram

Het is een lekker industrieel ogend ding, dat spoorviaduct in de Kruisweg. Er is niet op een ijzeren pilaar en ijzeren draagbalk meer of minder gekeken. De enige moderne toevoeging lijken de dunne metalen spiesjes te zijn, die in groten getale op de draagbalken zijn aangebracht. Die hebben geen directe spoorwegfunctie trouwens. Meer een milieufunctie. Zo kun je dat toch wel noemen, als ze moeten voorkomen dat vogels er neerstrijken en massaal de boel onderpoepen?

In Haarlem is de tramroute naar Bloemendaal vrij eenvoudig te volgen. Loop het Staten Bolwerk op en daarna de Schotersingel en de Kleverparkweg, blijf op de hoofdweg en neem de voor de hand liggende bochten. Moeilijker kunnen we het niet maken. Tot de rand van Haarlem. Daarna wordt het wel wat ingewikkelder. Maar ook weer niet heel erg ingewikkeld, als een mens een beetje logisch blijft nadenken.

Dat de tram hier ooit heeft gereden, voelt heel vertrouwd. De Schotersingel en de Kleverparkweg maken mooie, vloeiende bochten. Je ziet de tram er al met een lekker vaartje doorheen glijden. Aardige buurten wel. Geen super-chique op-stand-wijken, maar het aanzien desondanks meer dan waard. Dat geldt ook voor de Verspronckweg waar de tramroute, met opnieuw een aangenaam langzame bocht, op aansluit terwijl ze naar het noorden rijdt. De omgeving is iets meer een ratjetoe daar, maar dat heeft ook wel weer zijn charme.

In dit deel van Haarlem ziet het tracé er redelijk bevroren uit. Denk de auto’s weg, verwijder hier en daar wat bomen en leg rails terug in de straat, en de omgeving lijkt nog exact op die uit de gloriejaren van de tram. Dat begint aan het einde van de Verspronckweg, bij de kruising met de Kleverlaan, drastisch te veranderen. Goed, de weg maakt ook hier weer een paar fraaie bochten. Het probleem is alleen dat het er veel te veel zijn. De tram karde destijds niet over overvolle rotondes met afslagen naar van alles en nog wat.

En die overdekte ijsbaan waar ze vlak langs scheert, die was er destijds vast ook nog niet.

Maar meteen na de rotonde in de Kleverlaan ziet de omgeving er weer vertrouwd uit. Een spoorwoning pal na het spoor (met het cijfer 3 en de tekst ‘Bloemendaal’) helpen daar ook een beetje aan mee. Niet dat die woning iets met de tram te maken heeft gehad, maar het geeft wel een authentiek eind-van-de-negentiende-eeuwsfeertje.

De route door Bloemendaal is opnieuw simpel, maar iets minder voor de hand liggend dan in Haarlem. Dat de tram de Kleverlaan richting dorp volgde, is logisch. Waar had ze anders moeten rijden? Maar aan het einde van die Kleverlaan – een leuke straat met een aardig uitzicht over een paar restanten van weilanden – lijkt het tracé naar het zuiden, naar de Busken Huetlaan af te buigen. Terwijl de tram daar, aan de rand van Bloemendaal, helemaal niets had te zoeken.

Misschien heeft het iets te maken met de indeling van de weg, dat de aandacht naar het zuiden gaat. Of met de wegbebakening of met de stand van de gebouwen er omheen. Hoe dan ook, de tram maakte destijds juist een bocht naar het nóórden, naar de Korte Kleverlaan – wat natuurlijk ook veel verstandiger was, omdat ze daarmee ook daadwerkelijk het dorp inreed.

De laatste bocht in deze weg, vlak voordat het tracé zijn einde vindt bij de Bloemendaalseweg, is opvallend ruim. Dat wil zeggen, als de parkeerplaatsen en het trottoir aan beide zijden van de weg worden meegeteld. Haarlem-Bloemendaal was een enkelsporige lijn en om elkaar tegemoet rijdende trams een uitwijkmogelijkheid te geven, waren op drie plaatsen stukken dubbelspoor gelegd. Die wijde bocht in de Korte Kleverlaan markeert precies de plek waar zo’n wisselplaats was voor de tram.

Tegenover het eindpunt van de tram staat een intrigerend gebouwtje, een klassiek ogend theehuis, dat moeiteloos dienst kan hebben gedaan als wachtlokaaltje. Maar helaas voor de Bloemendaalse tram: het heeft er niets mee te maken. Het is een overblijfsel van De Rijp, een in de jaren 60 afgebroken buitenplaats.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s