Door de bocht met de Bollenlijn

De ANWB wond er in de Autokampioen van 7 januari 1933 geen doekjes om: de nieuwe elektrische tram in de Bollenstreek was een moordenaar. Leest u even mee (in de huidige spelling. De oude oo’s, de ee’s en de sch’s moet u er zelf maar even bij denken): ‘Het aftandse stoomtrammetje dat op 30 december 1932 haar laatste rit heeft gemaakt, is vervangen door enorme elektrisch voortbewogen wagens, welke in beide richtingen enkele malen per uur worden losgelaten tussen Leiden en Haarlem vice-versa. De lauwerkransen welke op de eerste motorwagen gehangen werden, zullen dan ook wellicht symbolisch bedoeld zijn geweest als een voortijdige hulde aan de nagedachtenis van de weggebruikers die ongetwijfeld tengevolge van de hoogst roekeloze tramaanleg in de bloembollenstreek zullen sneuvelen’.

Zo, pak aan.

In het stuk, dat bol staat van verontwaardigde termen als de ‘zieke verkeersveiligheid’, ‘onverdedigbare toestand’, ‘diep treurige gang van zaken’, de ‘vermoorde verkeersveiligheid’ en ‘meest grove wijze misbruik gemaakt’, meldt de ANWB nog dat ‘geen afkeurend woord scherp genoeg kan zijn, om de verontwaardiging juist weer te geven over het beleid van hen, die, als waren zij ziende blind, de verkeersveiligheid op zo schromelijke wijze in gevaar brengen.’ De toeristenbond heeft het niet zo op de nieuwe elektrische tram door de Bollenstreek, krijg je de indruk. En ze heeft ook best een punt, alleen kan de tram daar niets aan doen.

In het beeldverslag dat bij het artikel staat, windt de ANWB zich onder meer op over enkele oneffenheden in het traject, zoals ontbrekende bestrating tussen sommige rails en de zachte berm langs het spoor. Een fraaie automobiel, die halsbrekende toeren uithaalt op en langs de rails, maakt de bondsleden nog eens extra duidelijk hoe groot die misstanden zijn. Maar de vergeten bestrating of gevaarlijke bermen zijn niet de hoofdreden van de verontwaardiging. De bond vindt het bezopen (geen term die in het stuk voorkomt, maar die ze moeiteloos gebruikt zou kunnen hebben) dat de elektrische tram nog steeds het slingerende spoor van de stoomtram volgt.

Tijdens de aanleg van de elektrische tram was besloten om de tram in de buitengebieden zo veel mogelijk over dubbelspoor te laten rijden, midden op de weg. Daar was de ANWB op zich al niet heel gelukkig mee – ze had liever een vrijliggende baan gezien – maar vooruit, daar kon ze nog wel mee leven. Binnen de bebouwde kommen zou de tram echter het oude enkelspoor van de stoomtram volgen die, door allerlei eisen van uiteenlopende overheden uit het verleden, meestal rechts van de weg lag. In elk dorp zwiepte de tram dus een paar keer heen en weer over de weg, en bij elk kruising bestond het risico dat de tram het andere verkeer zou rammen.

Weliswaar waren er waarschuwingsseinen neergezet, maar daar was de ANWB ook niet erg over te spreken. Ze stonden aan de rechterzijde van de weg, waardoor de kans groot was dat de tram het zicht belemmerde op zijn eigen sein. Op een paar plaatsen had de NZH voorwaarschuwingsborden neergezet, maar die weken weer behoorlijk af van de internationale regels. Bovendien was de kans groot, aldus de bond, dat op de drukke weg een vrachtwagen het bord blokkeerde. Dus dat schoot ook niet op.

Terwijl ze de nieuwe tram onder uit de zak geeft, blijkt de ANWB vooral boos op Rijkswaterstaat. Die had namelijk geen zin om de rails te verleggen, omdat ze dan de straat moest openbreken. En dat geld kon ze in deze crisistijd wel beter gebruiken. Dat de gemeente Hillegom het werk voor haar grondgebied wilde voorschieten, kon Rijkswaterstaat niet vermurwen. ‘Wat nu?’ vraagt de bond zich tot slot af. Ze weet het eigenlijk niet. Er zijn schatten aan geld uitgegeven voor de tram, dus de trammaatschappij en het Rijk zullen niet staan te springen om nog wat te veranderen, concludeert ze. De enige hoop voor het doorgaande verkeer is de aanleg van de rijksweg tussen Den Haag en Amsterdam door de Haarlemmermeer. Maar er zullen nog wel ettelijke oudejaarsavonden gevierd zijn voordat die er is, stelt ze mismoedig vast. En het toeristische verkeer door de Bollenstreek heeft daar niets aan.

De boosheid houdt lang aan, want in 1947 schrijft de Autokampioen nog steeds woeste stukken over de tram in de Bollenstreek. ‘Als een automobilist het zich zou permitteren om met zulke slechte remmen als de tram heeft dermate gevaarlijke capriolen uit te halen, zou hem duizend gulden boete en een langdurige intrekking van het rijbewijs bedreigen’, schrijft het blad in een stuk met de kop ‘Het tramschandaal Sassenheim-Hillegom’. De centrale vraag in het artikel is: ‘Hoe raken we dat ding daar kwijt?’

Twee jaar later wordt de ANWB op haar wenken bediend. En dan toont ze zich van haar vrolijker kant. Als de Bollenlijn is geschrapt, schrijft de Autokampioen daarover een juichend artikel. ‘Die tram is weg. Nu de andere nog!’

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s