Een wachtmonument met piramidedak

IMG_4190Toen duidelijk was dat de stoomtram begin jaren 30 plaats ging maken voor de veel modernere elektrische tram, besloot Heemstede ook meteen de Glipperbrug over de Glipperzandvaart en de Van Merlenbrug over de Van Merlenvaart in een nieuw jasje te steken. En dat heeft de gemeente uitstekend gedaan. Wegen- en bruggenbouwers spreken al snel van kunstwerken, maar dat zijn ze hier ook echt. Lusten voor het oog, verrijkingen voor de toch al aangename omgeving hier.

Beide bruggen zijn duidelijk van de hand van dezelfde kunstenaar. De materialen, de stijl en zelfs de lettertypes waarmee de namen zijn aangegeven, zijn vrijwel exact hetzelfde. Wie die kunstenaar is geweest, daar blijft de Historische Vereniging Heemstede-Bennebroek een beetje vaag over. Het kan Mari Andriessen zijn (bekend van het beeld ‘De Dokwerker’ en waarschijnlijk betrokken geweest bij de bouw van de Crayenesterbrug in Heemstede). Maar het kan ook van de hand zijn van de Haarlemse beeldhouwer Theo van Reijn, die onder meer de sculpturen bij de Jansbrug in Haarlem heeft gemaakt. En wellicht heeft Openbare Werken samengewerkt met de plaatselijke beeldhouwer Hendrik van den Eijnde, die ook betrokken was bij de bouw van de Heemsteedse Bronsteebrug en de Marisbrug.

Hoe dan ook, wie het ook is geweest, hij heeft twee fijne bruggen neergezet. De Van Merlenbrug, volgens de stenen datering in de borstwering uit 1932, is het eenvoudigst aangekleed. De belangrijkste versiering bestaat hier, naast de in een stripachtig lettertje uitgevoerde naam, uit een bescheiden maar smaakvolle metalen reling. De Glipperbrug is wat meer opgedirkt, hoewel het allemaal ruimschoots binnen de perken blijft. De reling heeft iets meer tierelantijnen en een van de stenen borstweringen is versierd met een reeks golvende eendjes.

Het werk kostte hier kennelijk ook iets meer tijd. De Glipperbrug draagt als jaartal 1933, waarmee het dus pas na de elektrificatie officieel in gebruik is genomen. Die extra inspanningen zijn niet voor niets geweest. De Glipperbrug prijkt op het lijstje met provinciale monumenten van Noord-Holland. De Van Merlenbrug is daar niet op te bekennen.

De belangrijkste aanwinst bij de overspanning over de Glipperzandvaart – want dit is natuurlijk niet opeens een zoektocht langs Noord-Hollandse bruggen geworden – is een opvallend huisje aan de westzijde van de brug. Vooral het dak springt in het oog. Dat heeft wel wat weg van een enorme pet: een afgeplatte piramide van rode lei-pannen, die aan de voorzijde een eind uitsteekt.

Die brede overkapping is een uitstekende plek om te schuilen, en dat was ook precies een van de functies van het gebouw: het diende als wachthuisje voor de tram. Daarnaast is er ook een transformatorruimte en kleine werkruimte in gevestigd, maar dat doet er nu even niet toe. Het is een tramhuisje, en één van de weinige die bewaard zijn gebleven van de NZH.

Het huisje zelf is betrekkelijk eenvoudig: een paar deuren, een raam dat schalks de hoek om gaat en verder heel veel baksteen. Maar het is wel een sierlijk gebouw. Er zit een soort ideale vlakverdeling in die zelfs het aanplakbord met lelijke posters aan de voorzijde moeiteloos overleeft. De stijlvolle uitstraling aan de buitenkant zet zich helaas niet door aan de binnenzijde. Achter de voordeur gaat een vrij gewone werkruimte schuil, een soort schaftkeet met een tafel, een paar stoelen en een piepklein aanrechtje. Maar om dat te zien moet een voorbijganger echt met zijn neus voor het raam staan. En wie doet dat nou?

Advertisements

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s