Door de bocht met R 390

OLYMPUS DIGITAL CAMERADe omgeving rond het spoor tussen de haltes Casembrootstraat en Julianakade is een beetje overweldigend. Ten eerste zijn daar natuurlijk de imposante gebouwen van Tata Steel, met hun talloze buizen, pijpen en vooral schoorstenen – waar nog veel imponerender rookwolken uitkomen. Iedereen die daar langs komt weet, hier wordt gefabriceerd. Fijn dat er in Nederland ook nog dingen in ongekende hoeveelheden gemaakt, geplet en gewalst worden. Of je er pal tegenover wil wonen, is een andere vraag. Maar het oogt bedrijvig.

Hetzelfde geldt voor het Noordzeekanaal. Deze waterweg heeft zijn eigen fans – een soort vliegtuig- en treinspotters, maar dan voor schepen. Elke schuit van een beetje omvang leggen ze in het IJmuider sluizencomplex vast om met hun platen vervolgens alle nieuwssites te bestoken die er in en rond het dorp worden gehost. Google voor de grap eens ‘Schepen IJmuiden’, klik op ‘afbeeldingen’ en u krijgt al snel een idee wat ze daar voor hun camera hebben gekregen. En inderdaad, zelfs de passage een gemiddeld schip ziet er vanaf de spoorbaan erg indrukwekkend uit.

Het meest imponerende is echter het verkeer op de Kanaaldijk. Dat raast in grote aantallen en een met angstwekkende vaart voorbij. Zelfs de gewone lijnbussen lijken hier buitengewone snelheden te kunnen ontwikkelen. Omdat de spoorbaan net voorbij Casembrootstraat ietsje lager ligt dan de weg, lijkt het allemaal nog overdonderender.

De spoorbaan zelf is tussen Casembrootstraat en Julianakade een beetje saai eigenlijk. Ze ligt er tamelijk ongehavend bij, maar er valt weinig te avonturieren. Tussen de rails groeit een enkele struik, maar het groen is zo klein dat een beetje trein zich er waarschijnlijk weinig van aan zou hebben getrokken.

Het rondslingerende afval valt daarom des te meer op. IJmuidenaren zijn dol op hun oude treinbaan, maar sommigen zien het vooral als een openbare vuilstortplaats. Blikjes, plastic flesjes, planken, asbest, oude kleren, niet bezorgde huis-aan-huis-bladen – het ligt er allemaal langs en op de zes kilometer spoor tussen Santpoort Noord en IJmuiden. Even voorbij de Casembrootstraat heeft iemand overtollig grind gestort. Slim, zou je denken, dat kun je op zo’n oude spoorbaan wel kwijt. Maar het zijn aquariumsteentjes en die zijn zo wit dat het tussen de oorspronkelijke, roestbruine steenslag bijna pijn doet aan de ogen.

Maar niet alle afval is ook echt afval. Halverwege het baanvak steekt bijvoorbeeld een pijp uit de grond met een verroeste draad er in. Na enig sjorren blijkt die behoorlijk vast te zitten, wat doet vermoeden dat het niet door een vandaal maar door de spoorwegmaatschappijen in de grond is gestoken. Een origineel spoorrestant dus. Geen idee wat er aan vast zat – waarschijnlijk iets voor de beveiliging van de overgangen, maar pin me er niet op vast.

Zo’n kaal spoor heeft ook weer zijn voordelen. Toen ik IJmuiden Oost had beschreven, verbaasden een paar spoorkenners zich erover dat ik een aanwezige smeerpot langs het spoor had gemist – een apparaat dat automatisch een lik vet afgeeft aan treinwielen, zodat die met wat minder geknars en gepiep de bocht doorkomen. De heren bleken al een jaar of zes, zeven niet meer op het oude spoor te zijn geweest en hadden geen idee dat het onkruid inmiddels de vorm van een groene tsunami heeft aangenomen.

Voorbij de Casembrootstraat houdt het onkruid zich echter gedeisd en kan een voorbijganger zo maar een klein wit bordje met de aanduiding ‘R 390’ op een van de bielzen aantreffen.  Een intrigerend ding. Het zit daar overduidelijk met een bedoeling, maar het was niet bestemd voor een machinist of zo. Het heeft de grootte van een naambordje bij een deurbel, dus het is niet iets dat je vanuit een rijdende trein makkelijk ziet. Een biels is bovendien een onhandige plek om een treinbestuurder iets duidelijk te maken. Daar gebruiken ze meestal manshoge borden voor op flinke palen.

Maar wat is het dan? De zoekvragen ‘R 390’, ‘R 390 spoor’ of ‘R 390 IJmuiden’ leveren niets zinnigs op . Maar als ik op dit blog een vraag stel over dit bordje, komt er binnen het uur een antwoord binnen van Hein de Vries. Een nuttig ding dat plaatje, zo blijkt. Volgens Hein geeft het de straal (oftewel de radius, vandaar de R dus) van de bocht aan in meters. Onderhoudspersoneel kon met die gegevens de exacte ronding van een bocht herstellen als het spoor was verzakt of verschoven. Dit soort bordjes waren altijd bevestigd  aan een van de bovenleidingportalen of, als die ontbraken, een van de dwarsliggers. Tegenwoordig zijn de bordjes niet meer nodig. Alle gegevens zijn digitaal aanwezig in databases en kunnen direct in de onderhoudsmachines worden geprogrammeerd.

Een stukje spoorhistorie dus, vastgeschroefd aan een biels in IJmuiden.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s