Rotterdamse trams, zo ver het oog reikt

Als voorbereiding voor een serie over het openbaar vervoer in Zuid-Holland voor het Erfgoedhuis, bezoek ik onder meer een aantal musea waar bus, trein, tram en metro een rol spelen. Een blik achter de schermen: het Tram Museum Rotterdam.

In het Tram Museum Rotterdam staat zo’n duizelingwekkend aantal trams dat een bezoeker bij binnenkomst geneigd is meteen weer naar buiten te lopen. Staat dit allemaal echt in deze eenvoudige hal? Ja, inderdaad. Achter de smalle toegangsdeur gaat een immense ruimte schuil met lange rijen, vooral okergele trams. Rotterdamse historie, compleet vanaf de eerste rit van de elektrische tram in 1905 – en eigenlijk nog ver daarvoor.

De collectie is voor Nederlandse, zelfs voor Europese, begrippen uniek. De Rotterdamse Elektrische Tram (RET) besloot in 1938 om een aantal oude rijtuigen als museumtram aan te wijzen. Sindsdien heeft de RET van elk type tram dat ze in dienst had één exemplaar behouden. Daardoor is de collectie nu zo goed als compleet. Vrijwel alle rijtuigen die ooit in de Maasstad hebben rondgereden, zijn aan de Kootsekade te zien. Daarmee is de verzamellust van het TMR nog niet bevredigd. ,,Veel typen hebben in de loop der tijden kleine aanpassingen ondergaan. Ook die zouden we graag in ons bezit krijgen’’, zegt Kees Dessens, bestuurslid van de beheersstichting van het museum RoMeO (Rotterdams Openbaar vervoer Museum en Exploitatie van Oldtimers).

Het trammuseum heeft de allereerste elektrische tram waarmee de RETM – voorganger van de RET – reed, een naar hedendaagse begrippen piepklein karretje met twee open balcons. In de buurt ervan staan enkele nog oudere wagens: paardentrams die in later jaren door de Rotterdammers zijn aangekocht om als bijwagen voor de elektrische tram te dienen. Zo staat aan de Kootsekade een paardentram uit 1880 die misschien niet het oudst overgebleven exemplaar is in Nederland (Den Haag heeft een aanhangwagen uit 1878) maar wel de oudste nog ríjdende tram is in Nederland. ,,In 1917 overgenomen van Amsterdam – dat dan weer helaas wel’’, meldt Dessens spijtig.

In de loods van het Tram Museum Rotterdam staan verschillende trams in meer of mindere staat van onttakeling. Ook dat is een belangrijk onderdeel van het werk van de vele vrijwilligers van RoMeO: de restauratie en onderhoud van de Rotterdamse trams. ,,Het doel is om alle trams rijvaardig te krijgen of te houden. We zijn er trots op dat dat bij het merendeel van de museumtrams het geval is.’’ Het museum rijdt tijdens de openingsdagen en tijdens speciale evenementen met de antieke tramstellen door de stad, om zo inkomsten voor het museum bijeen te garen. De entree voor het TMR zelf is gratis.

Het gebouw aan de Kootsekade is op dit moment maar een bescheiden aantal dagen per jaar geopend voor het publiek: elke eerste zaterdag van de maand van april tot en met oktober. Dessens hoopt dat het museum in de toekomst vaker is te bezoeken. ,,De oude tramremise waar we nu in zitten, is in principe een tijdelijke huisvesting. Wellicht gaan we naar een andere plek in de stad, wellicht kunnen we hier blijven. Op het moment dat dat zeker is, willen we er een écht museum van maken, met meer uitstallingen, foto’s en objecten’’, zegt Dessens.

RoMeO hoopt dan ook de bussen van de RET, die zijn gestald in een garage aan de Sluisjesdijk, bij het museum te betrekken. ,,Daar hebben we helaas geen ruimte voor. Dat is jammer, want op de plek waar ze nu staan zijn voor het publiek niet te bezichtigen.’’

 

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s