Een restaurant vermomd als station, en andersom

Hans Stienstra kijkt een beetje zorgelijk. ,,Ik weet eerlijk gezegd weinig van dit station. Ik heb ook helemaal geen tijd.” Hij rommelt gehaast in zijn koffertje op zoek naar wat papieren voor een nieuwe werknemer die zojuist is binnengelopen. Dan richt hij zich op: ,,Maar je mag wel rondkijken hoor. Loop maar gewoon overal naar binnen. Het is wel goed.”
Dat is een mooi aanbod, want station Uithoorn is het bekijken meer dan waard. Het is historisch, interessant en gezellig bovendien. Het gebouw is sinds een jaar of veertien, vijftien het onderkomen van restaurant/grand café Het Oude Spoorhuis en de inrichters hebben hun best gedaan om het er zo knus mogelijk te maken. De bezoekers komen er immers om een vorkje te prikken, niet om oude HESM-gebouwen te bewonderen. Dat het restaurant ooit een station is geweest, hebben ze echter niet proberen te verdoezelen. Integendeel, zelfs.
De naam is natuurlijk al een eerste aanwijzing dat het gebouw een spoorverleden heeft. De oude rangeerlocomotief naast de ingang een duidelijke tweede. Maar ook na binnenkomst vliegen de hints de bezoeker om de oren. Nou ja hints, de grote muurschilderingen van treintaferelen in het tot bar omgebouwde stationschefskantoortje zijn nauwelijks subtiele vingerwijzingen te noemen. Wie nu nog niet door heeft dat dit gebouw ooit iets met een spoor te maken heeft gehad, doet er goed uit puur lijfsbehoud zo snel mogelijk een afspraak te maken bij een erkende opticien.

Tussen al ludieke verwijzingen naar de spoorwegen zijn er nog opvallend veel originele details van het station zelf te zien. Als een bezoeker even alle tafels en stoelen wegdenkt, staat hij gewoon weer in de oude goederenloods. De schuifdeuren aan voor- en achterkant en het grote schuifraam waardoor reizigers hun bagage konden afgeven, zien er nog authentiek uit. Het station is een beetje bruingerookt – het is wellicht sinds 1 juli 2008 niet meer gewit – maar onder die aanslag zijn de versieringen van het gestuukte plafond nog altijd te zien.
Het zelfde geldt voor het voormalige wachtlokaal. Schouw, plafond, deuren en ramen: het ziet er allemaal nog even origineel uit. Zelfs de bankjes langs de muur zijn op nog terug te vinden. Ze doen nu dienst als zitplek bij enkele tafels.

Eigenaar Hans Stienstra mag dat weinig weten van zijn station, dat hij sinds 1 januari 2010 in zijn bezit heeft, Fons Joukes van bouwbedrijf Frantzen Renovatie en Onderhoud is graag bereid om wat aanvullende informatie te verlenen. Joukes zit tijdens de rondtocht door het station net te schaften – als het verorberen van in het restaurant bereide pistolets nog schaften mag worden genoemd – voordat hij weer verder gaat met het opknappen van de zolder. Hij volgt de keurende blikken door de als tapasbar vermomde woonkamer van de stationschef. ,,Het ziet er goed uit, hè?”, zegt hij. ,,Het is allemaal nog origineel. En als het niet meer origineel is, hebben we het zo authentiek mogelijk nagemaakt.”
Joukes is vanaf 1996 betrokken geweest bij de verbouwingen van het voormalige station. Eerst door Corien Luit en nu dus door Stienstra. ,,Corien heeft het verbouwd tot restaurant. Dat heeft ze heel zorgvuldig laten doen. Er zijn wel dingen veranderd, maar al die veranderingen kunnen zo weer worden weggehaald. In de wachtkamer en de goederenloods hebben we bijvoorbeeld kleine podia gemaakt. Je zou het misschien niet zeggen, maar die staan helemaal los. Je kan ze er makkelijk weer uittillen.”

De begane grond en de eerste verdieping zijn volledig in gebruik als grand café. De zolder was tot voor kort een opslagruimte annex kantoortje. Joukes en zijn collega’s zijn nu bezig die ruimte te verbouwen en op te knappen.
,,Het was een rommelige ruimte. En brandgevaarlijk bovendien. Het plafond en de muren bestonden uit schrootjes. De originele nog, zeker, maar er zat geen enkele brandwerende laag achter. Daar werd toen niet op gelet. Tegenwoordig gelukkig wel.”
Omdat de betimmering bovendien erg onpraktisch was, zijn alle schrootjes verwijderd. Het dak is vervolgens van isolatie voorzien en gestuukt, waardoor de stoffige zolder nu een prachtige lichte ruimte is. De dakbalken die na het sloopwerk tevoorschijn kwamen, zijn wel gebleven. ,,Uiteraard, het zijn prachtige, massieve balken. Ze zijn bovendien op een heel mooie manier aan elkaar vastgemaakt. Het lijkt zo simpel als je het ziet, maar de constructies zijn echt ingenieus”, zegt Joukes.

Advertisements

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s