Hoopvol naar het einde

De laatste strijd van het lijntje tussen Uithoorn en Nieuwersluis is langdurig en ongelijk. Ruim tien jaar leeft het spoor tussen hoop en vrees. Maar in 1984 lijkt het toch te zijn gedaan met de Haarlemmermeerlijnen. Of niet…

Nadat Verkeer en Waterstaat begin jaren ’70 een poging van de NS verijdelde om het spoor de nek om te draaien, zijn begin jaren ’80 de rollen omgedraaid. Omdat de tekorten in het goederenvervoer de pan uitrijden, geeft het ministerie de spoorwegen in 1982 opdracht om 40 los- en laadplaatsen per juli 1985 te sluiten. Daar onder bevindt zich de lijn Uithoorn-Nieuwersluis. Uitgerekend nu is het de NS die deze opdracht helemaal niet zien zitten. Als dit spoor dicht gaat, is sloperij Koek in Mijdrecht niet meer bereikbaar. En dat is een beetje lastig als je daar je overtollige materieel wil laten slopen.
Wat niet veranderd is, is de strijdlust van de gemeente Uithoorn en Mijdrecht. De lijn is de levensader voor een hele reeks bedrijven in de beide plaatsen. Als het spoor weggaat, verdwijnt de werkgelegenheid in de dorpen. Samen met de Kamer van Koophandel bestoken ze de leden van de vaste Kamercommissie voor Verkeer met brieven, in de hoop hun op andere gedachten te brengen. Later krijgen ze daarbij steun van de Vereniging voor Nederlandse Gemeenten (VNG).
Om de zaak persoonlijk onder de aandacht te brengen, reist burgemeester Haitsma van Mijdrecht Den Haag om de Kamercommissie toe te spreken. Hij doet dat niet tevergeefs. De acties zorgen er voor dat de staatssecretaris Scherpenhuizen van Verkeer en Waterstaat half december 1984 het opheffingsbesluit intrekt. Wat ook scheelt, is dat het goederenvervoer op het spoor flink is toegenomen, waardoor het tekort beperkt blijft tot 250.000 gulden.
De Haarlemmermeerlijnen mogen dus blijven bestaan, maar wel onder de voorwaarde dat binnen een jaar wordt aangetoond dat het spoortje alsnog rendabel kan zijn. De staatssecretaris denkt dat dat wel kan. Hij schrijft de Tweede Kamer dat het lijntje ‘toekomstperspectieven’ heeft. Maar dan moeten de aangesloten bedrijven wel een veel hogere bijdrage betalen.

Al een half jaar later zijn die toekomstperspectieven grotendeels in het water gevallen. Een van de pijlers van het vervoer op de Haarlemmermeerlijnen is het schroottransport van Pothuizen. De belangrijkste afnemer van het Uithoornse bedrijf, Hoogovens, kiest er in 1985 voor om het spul voortaan over de weg te vervoeren. Daardoor lopen de kosten voor de overige grootgebruikers van de lijn – Johnson Wax, Karotex, Koek en Indesit in Mijdrecht en Cindu in Uithoorn – nog verder op. Daar komt nog bij dat de NS in onderhandeling zijn met Koek over een nieuwe vestiging in Utrecht of Amsterdam. Kortom, de grote jongens zien de bui al hangen en zoeken letterlijk naar andere wegen.
De overgebleven bedrijven zijn dan ook al druk bezig om een plan B te verzinnen: ander vervoer, zoals Johnson Wax en en Cindu, of een andere plek, zoals Karotex en Indesit. De secretaris van de Vereniging van Industriële Belangen vermoedt in elk geval dat ze de tekorten van de lijn, naar verluidt vijfhonderdduizend tot één miljoen gulden, nooit gaan betalen.
Al snel blijkt dat hij dat goed had gezien.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s