Op weg naar de volgende Fransche Brug

De halte tussen Nieuwe Wetering en Roelofarendsveen had een mooie, ietwat idyllisch klinkende naam: Fransche Brug. Maar veel stelde het niet voor. Fransche Brug was slechts een eenvoudige stopplaats. Reizigers die er wilden uitstappen, moesten dat van tevoren aan de conducteur melden, anders reed de trein gewoon door.
De voorzieningen voor de reizigers hielden er niet over. De spoorwegmaatschappij had langs het spoor  dat hier op een paar meter hoge spoordijk lag – slechts een abri neergezet: een stenen hokje waar een enkele treinpassagier kon schuilen.
Een groter gebouw was waarschijnlijk ook volstrekt overdreven geweest. Oude foto’s van het spoor laten hier een leeg en zelfs wat armoedig landschap zien. De weg tussen Roelofarendsveen en Nieuwe Wetering is bijvoorbeeld weinig meer dan een zandweggetje. Het spoorwegviaduct dat de HESM er over heen heeft aangelegd, lijkt bijna te veel eer.

Van de Fransche Brug van toen, is nu weinig meer over. De abri en het viaduct zijn allang verdwenen. Er is nog wel een weggetje tussen Nieuwe Wetering en Roelofarendsveen: een smal en recentelijk geasfalteerd fietspad. Het zou echter een klein wonder zijn als dat nog steeds op dezelfde plek ligt. De omgeving is namelijk bedolven onder de HSL, de rijksweg A4 met al zijn uitbreidingen, en onder een kluwen van rotondes, bermen en ventwegen.
Niet alleen de resten van het spoor zijn weggevaagd, ook de plek waarnaar de naam van de halte verwees, de brug over de vaart langs het Westeinde, is totaal verdwenen. Sterker nog: de vaart zelf ligt er niet eens meer. Zo’n honderd meter voor de A4 is het water afgedamd en gedempt.

De naam Fransche Brug leeft nog wel voort. Ze staat, met authentieke ‘sche’, op de gevel van een voormalig café. Nog wel, tenminste. Het oude café oogt verwaarloosd en bouwvallig. Ernaast staat een groot bord van een projectontwikkelaar dat voorbijgangers oproept zich nú in te schrijven voor het project ‘Fransche Brug’ waar straks acht ‘verrassende’ woningen verrijzen. Een getekende impressie op het bord laat zien hoe het buurtje eruit komt te zien. Eigentijds en niet onaardig. Maar het café is op het bord nergens te bekennen. Ook die Fransche Brug heeft zijn langste dus wel gehad.

Verderop, waar de Haarlemmermeerlijn ooit afboog richting Roelofarendsveen, is de spoorbaan wel weer te zien. Hier splijt ze als de N445/Alkemadelaan Roelofarendsveen doormidden. Automobilisten zijn er kennelijk blij mee, want het is ongelooflijk druk op de weg. Vanaf de A4, maar ook vanuit bedrijventerrein De Lasso scheuren wagens de provinciale weg op.
Rond de kruising met het Pastoor Onelplein is trouwens goed te merken dat zulke hoeveelheden auto’s nog meer auto’s aantrekken. In een straal van vijftig meter zitten vier grote autobedrijven. Een klein stukje verderop, aan de andere kant van de A4, is er trouwens nog een te vinden.

Het spoor kan hier eindelijk weer eens te voet worden gevolgd, en op een prettige manier bovendien. De provinciale weg heeft hier gezelschap gekregen van de Narcisstraat, een kalm en vredig ogend laantje waar een dubbele rij bomen voor wat beschutting zorgt.
De woningen hebben zo’n typische uitstraling van huizen uit het midden van de vorige eeuw. Niet te klein, niet te groot, niet te luxueus, niet te armetierig. Het zijn degelijke woningen met van die typische seniorenvoortuintjes: veel zwarte aarde, grondig gewied en geschoffeld, waarin hen en der bloeiende planten en een enkele buxus staan.
Het is een bedaarde straat kortom, als het even lukt om de herrie achter de bomen te negeren.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s